Mango en pindakaas

Het water loopt Melle in de mond als hij alleen al denkt aan een sappige mango. Frank en ik genieten nog van ons drankje als Melle en Feije hunkeren naar een stukje fruit. Enkele meters verderop zit een winkeltje dat volgeladen ligt met fruit. Met enkele birrs op zak sturen we ze naar het winkeltje.

Na enkele miniten komen ze triomfantelijk terug. Ze hebben 3 mango’s gekocht en hebben nog geld over. Drie mango’s voor 4 birr (nog minder dan 20 eurocent in totaal). Trots showen ze hun aanwinst. Ik kan het haast niet geloven dat het zo weinig kost.

Na dag in dag uit jam of ei met brood eten, willen we ook wel eens wat anders. In de supermarkt kopen we, je gelooft het niet, een pot pindakaas. We hadden niet verwacht dit in Ethiopië aan te treffen. Onze smulpaap krijgt al honger bij alleen al de gedachte aan de pot pindakaas.

Marktdag

Na alle inspanningen tijdens het begin van de reis nemen we vandaag een dagje rust. We slenteren over de markt van Bahar Dar. Het ruikt er naar een open riool. Een eindje verderop overheersen de kruiden. Dit ruikt beter.

Feije vindt alle aandacht van de bevolking maar niets. We hebben op de markt de gehele tijd een massa mensen achter ons aan. Ze blijven ons volgen waar we ook heen gaan. Als ik een rok aan zou hebben zou Feije zich hierin verschuilen. Feije trekt vooral de aandacht van de kinderen. De kinderen wijken niet van haar zijde. Het enige wat ze doen is kijken. Ze zijn gewoon heel nieuwsgierig naar dit kleine blanke meisje. Feije weet niet wat ze met al deze aandacht moet. Wat er in haar hoofdje omgaat weten we ook niet. We merken alleen dat ze het liefst zo snel mogelijk de markt wil verlaten. Gezien het gestaar van alle marktverkopers, het geroep en gewijs naar ons en de horde mensen die ons achtervolgen denken wij dat ze op de markt nog nooit buitenlanders hebben gezien. Deze overweldigende aandacht is ons nog niet vaak overkomen.
 

 

A new star is born

Michael Jackson heeft een opvolger. We wisten niet dat hij het in zich had. Tijdens het eten komen we erachter hoe soepel Melle zijn heupen kan bewegen. Zijn kont schudt heen en weer en zijn armen zwaaien van links naar rechts. Dit tot hilariteit van de obers. Zij vinden het geweldig dat Melle zich uit leeft op de muziek. Speciaal voor Melle wordt het geluid zelfs harder gezet. Melle sprint erop los. Wijd, sluit, wijd, sluit. Na 10 minuten uitbundig dansen, zakt hij uitgeput in elkaar.

Stripverhalen in de kerk

Hoe gelovig zijn we eigenlijk. Gezien het aantal kerken dat we vandaag bezoch hebben, lijkt het alsof we zwaar gelovig zijn. Het tegendeel is waar. Maar de kerken zijn werkelijk indrukwekkend. Niet zozeer de buitenkant, maar wel de binnenkant. De kerken zijn voorzien van prachtige tekeningen die verhalen uit de bijbel uitbeelden.

Met een boot varen we naar Zege, een schiereiland in het Tanameer. Melle en Feije zijn dolblij. Tientallen keren hebben ze me gisterenavond gevraagd of we met de boot naar de kerken zouden gaan. Ik kon alleen maar antwoorden dat ik het niet wist. Met dit antwoord namen ze geen genoegen. Gek werd ik van de repeterende vraag.

Naar Zege is het een uurtje varen. Een prachtige ochtendzon kleurt het Tanameer in overweldigende kleuren. Na een uur varen bereiken we Zege. Hier bezoeken we een kerk. We weten niet goed wat we ervan moeten verwachten. Wat wel opvalt is dat het ingesteld is op toerisme. Souveniersstalletjes, mensen die vragen of we iets willen kopen, bevestigen dit.

De buitenkant van de kerk, rond en kleurloos, doet saai aan. Binnen worden onze verwachtingen waargemaakt. Vele kleurrijke tekeningen sieren de muren. Je weet niet waar je kijken moet. Melle kijkt aandachtig naar deze tekeningen. Eén tekening in het bijzonder trekt zijn aandacht. Hij vraagt aan ons wat daarop te zien is. Ik vertel hem dat het een afgehakt hoofd is. Ja, mam, dat zie ik ook wel is zijn reactie. Maar wat betekent het? Ik ben blij dat de gids hem het bijbehorende verhaal uitlegt. De gids vervolgt zijn uitleg bij de tekeningen. Melle die aandachtig luistert, vangt iets op van wat de gids vertelt. De gids legt in het engels uit dat Jezus op deze tekening 6 jaar oud is…Melle zegt vanuit het niets ‘I am 6 years old’. Iedereen ligt dubbel van het lachen om zijn reactie. Melle kijkt stoicijns. Hij snapt niet waarom iedereen om hem moet lachen.

Als je eenmaal één kerk hebt bezocht, heb je ze allemaal gezien. Het zijn allemaal ronde kerken die aan de binnenkant voorzien zijn van prachtige kleurrijke beschilderingen. Deze tekeneningen verellen een verhaal uit de bijbel.

Het hoogtepunt van de dag voor Melle en Feije zijn niet de kerken maar de nijlpaarden die ze in het Tanameer hebben gezien. Vooral de wetenswaardigheid dat een nijlpaard met gemak 10 minuten onder water kan blijven, blijft ze bij. Als het nijlpaard onder water verdwijnt, vragen we ons af hoe lang we moeten wachten voordat hij weer boven komt. Wat een geweldige dieren!

Snel een boodschapje doen

Een simcard kopen is in Nederland een fluitje van een cent. In Ethiopië gaat het er anders aan toe. Na in vele winkeltjes geprobeerd te hebben een simcard te kopen, worden we naar een telecombedrijf gestuurd.  Voordat we het gebouw in mogen waar ze simcards verkopen, worden we gefouilleerd. Ik wacht buiten omdat een fotocamera niet mee naar binnen mag.

Na een kwartier komt Frank weer naar buiten. Zonder simcard. Hij moet een kopie van zijn paspoort laten maken anders is het aanschaffen van een simcard niet mogelijk.

Om de tijd te doden dat Frank bezig is met het aanschaffen van een simcard praat ik met de bewaker. Goed dat we handen hebben anders zou communiceren niet mogelijk zijn. De bewaker praat slechts enkele woorden engels en ik heb geen uitgebreide woordenschat amhaars. Maar de bewaker lijkt te genieten van mijn gezelschap.

Frank maakt een kopie van zijn paspoort in een klein winkeltje om de hoek bij het telecombedrijf. Daarna terug om zijn simcard te regelen. Binnen 10  minuten staat hij buiten. Een simcard rijker en een kopie van zijn paspoort en 2 pasfoto’s armer.

Deze gehele registratie is nodig om te voorkomen dat er misbruik wordt gemaakt van de simcard. En als er al misbruik wordt gemaakt, kan de eigenaar van de simcard worden opgespoord.

De attractie

Wow, hoor ik naast me. Melle en Feije zien een draaimolen, zweefmolen en reuzenrad. Enthousiast rennen ze naar de attracties uit de ‘oertijd’. De attracties zien er dermate oud dat ik me afvraag of het wel verantwoord is om plaats te nemen in de attractie. Maar natuurlijk zijn de kinderen niet meer te houden.

Eerst maar eens kaartje kopen om 1 keer te mogen draaien in de draaimolen. Kijken of het geen gevaar oplevert. Melle en Feije zitten in een autootje en zwaaien triomfantelijk als ze ons voorbij ‘rijden’.

Daarna in het reuzenrad. Dat was eigenlijk niet te bedoeling omdat we het erg gammele bakjes vinden. We dachten voor de zweefmolen betaald te hebben, maar het blijkt voor het reuzenrad te zijn. Met een druk op de knop zetten de gammele bakjes zich in beweging. Melle en Feije schommelen heen en weer in de bakjes. Als het reuzenrad eenmaal in beweging is, stabiliseert het rad zich. Helemaal in hun sas draaien ze in het rond.

We genieten omdat onze kinderen genieten. En er zijn meer mensen die het leuk vinden. Ik ben omgeven door vele mensen die samen met mij naar mijn kinderen staren. Onze kinderen in een attractie zijn een attractie.

WC moet goedkoper

Met enige regelmaat horen we uit de kindermonden ‘ik moet plassen’. Vaak zit er niets anders op dan dit aan de kant van de weg te doen. Melle heeft daar wel eens problemen mee. Stel je voor dat ze zijn piemeltje zien. Het liefst houdt hij zijn plas dan op. Pas als Frank zegt dat de ethiopiërs dit ook doen, krijgen we Melle zover om aan de kant van de weg te plassen.

Dat Melle erover nagedacht heeft, blijkt ‘s avonds. Hij vertelt dat als ze de wc goedkoper zouden maken de ethiopiërs niet meer op straat hoeven te plassen. Dan kunnen ze een toilet betalen.

De herdertjes

Elke keer als ik mensen langs de kant van de weg zie lopen, doet me dat denken aan de herdertjes uit de kerststal. Mannen gehuld in veelal witte of bruin getinte doeken en in de hand een stok. Soms omgeven door een kudde dieren.
In Ethiopie zijn er veel zaken die herinneren aan dingen uit de bijbel. Bijvoorbeeld de 12 ramen in een kerk die de 12 apostelen symboliseren.

Bussen op z’n afrikaans

We hebben enkele heerlijke dagen doorgebracht bij de familie van de Fasil Lodge in Gonder. Zij weten het gasten naar hun zin te maken. De bus pikt ons op bij het hotel. Hiervoor moesten we 10 birr betalen, een schijntje. Dit is beter dan weer problemen te krijgen op het busstation zoals enkele dagen geleden. Onze bestemming is Bahar Dar, ongeveer 200 km verderop.

Nadat wij zijn opgehaald, rijdt de bus terug naar het busstation om nog meer mensen op te halen. Een bus moet immers vol zijn voordat hij vertrekt. Het is een komen en gaan van bussen. Er wordt om het hardst geschreeuwd. Iedereen staat bij de deur om de toeristen een bewonderingswaardige blik te gunnen. Wij voelen ons een toeristische attractie.
Een man stapt in. Hij neemt plaats achter ons. Hij wordt gemaand om zijn benen niet naast te stoel te zetten maar achter de stoel. Iedereen die instapt krijgt een plaats toegewezen. Als ze niet luisteren wordt er aan hen getrokken en geduwd totdat ze zitten zoals de bijrijder wil dat ze gaan zitten. Als er andere mensen in willen stappen, moeten andere weer uitstappen. We begrijpen niet hoe het werkt.

Bij de kruising naar Dessie moeten mensen van het ene naar het andere busje overstappen. We hebben 11 zitplaatsen in de  bus. Uiteindelijk zitten we opgepropt met z’n 19 in de bus. Melle schreeuwt het plotseling uit. Hij zit krap en kan zich niet meer bewegen. Frank Melle en 2 ethiopiers zitten op 3 zitplaatsen. Ethiopiers zijn dunne mensen, maar dit is toch net te veel van het goede. Na 3,5 uur bussen bereiken we Bahar Dar.

Tot onze knieën in de modder

De 1e zieke. Frank heeft buikkrampen. Het is een lange nacht voor hem geweest. Koud en dan weer warm. Hij blijft in bed liggen. Ik ga alleen op pad met de kinderen. We hebben immers een gids gehuurd om met ons naar de Semien Mountains te gaan.

Feije is slaperig. Ze heeft zowat de hele busreis nodig om te ontwaken. In 1,5 uur leggen we 36 kilometer af. Als we Gonder verlaten, lopen vele ethiopiërs met hun dieren de stad in. Ze zijn al uren onderweg om in de ochtend Gonder te bereiken.
Melle ziet dromedarissen. Echter zijn het koeien met een bult op de rug. De weg is zanderig. Na een half uur verandert de weg in een grote modderpoel. De minibus glijdt rustig van links naar rechts. Onze gids vertelt dat er een start is gemaakt om de weg van Gonder naar Axum te asfalteren. De chinezen leggen de weg aan. Dan kunnen we niet verder…..Grote stenen blokkeren de weg. Hier kan de bus niet overheen. Over de gehele breedte van de weg moeten de stenen verwijderd worden. Pas dan kunnen we het obstakel passeren. Het lijkt alsof men het hier gewend is, want binnen enkele minuten is de weg vrij gemaakt. We vervolgen onze reis. Niet veel later staat ons een andere uitdaging te wachten. De bus heeft zich vastgereden in de modder. We kunnen niet meer voor- of achteruit. De wielen draaien rond in de modder. Maar ook hier hebben ethiopiërs al vaker mee gedeald. Ze stappen de bus uit en gaan achteraan de bus hangen. Hierdoor komen de voorwielen los. Er wordt gas gegeven en we glijden de modderpoel uit. Door de vooruit zien we een ethiopiër uitglijden in de modder. Dit tot grote hilariteit van zijn landgenoten.

Modder, modder en nog eens modder. Het is glibberen en glijden over de rotsen. We hebben een goede gids. Hij begeleid Melle tijdens de wandeling wanneer het nodig is. Ik heb Feije bij de hand. We klimmen over de rotsen. Onze benen krijgen wat rust wanneer we door de weilanden lopen. Melle stapt in de modder. Zijn schoen is niet meer zichtbaar. Hij wordt boos en zegt dat hij terug wil. Om de vrede te bewaren, maakt de gids Melles schoen schoon met bladeren. Als ik zeg dat het niet nodig is omdat we in het hotel zijn schoen wel schoon maken, staat hij erop dit te doen. Hij wil dat Melle weer blij is.

Na anderhalf uur wandelen zien we apen (baboons) en de grootste vogel van Ethiopië, de Lamnegeyer. We klauteren verder na het uitzichtpunt. Ondertussen worden we vergezeld door een jongen en een meisje, beide 11 jaar oud. Ze spreken alleen amhaars waardoor de communicatie moeilijk is. De taal vormt voor kinderen geen barriere. Ze spelen alsof ze elkaar al jaren kennen.

Het uitzichtpunt! Tja, we zien niets dan wolken. We nemen plaats op een rots om uit te rusten. Melle volgt het voorbeeld van de gids en maakt zijn schoen verder schoon met bladeren. Ook zijn been wordt weer zichtbaar. Feije aapt, zoals gewoonlijk, haar broer na. Zij doet het voor de lol. Het maakt haar niet uit of haar schoenen niet meer wit/roze zijn.

Even relaxed wandelen over de weilanden. Even niet soppen in de modder. De volgende ‘top’ is in zicht. Feije geeft mij een hand. Ze wordt om beurten geholpen door de jongen en het meisje. Melle klimt over de rotsen met de gids. Bij het 2e uitzichtpunt gooien de 4 kinderen senen naar beneden. Wie kan het verste gooien? Melle wil graag net zover kunnen gooien als de jongen en het meisje. Maar zij zijn 5 jaar ouder en dat gaat dus niet lukken. Melle maakt zich ondertussen zorgen over zijn vieze schoenen. Ik attendeer hem erop dat dat hij eens moet kijken naar de ethiopische jongen en het meisje die zich blootvoets door de bergen begeven.  En dan nog maar te zwijgen over de todden die ze om hun lichaam hebben. De kinderen wonen in de bergen en zorgen voor de dieren. Nu hebben ze vakantie.

Op de terug weg wandelen enkele kinderen met ons mee. Feije wordt op de modderige paden gedragen door een man. Die vindt het maar wat leuk om een klein blond meisje te dragen. Doordat Feije wordt gedragen, zien twee kinderen de kans om mijn hand vast te pakken. Als een kind mijn hand los laat, pakt snel een ander kind mijn hand. Ze laten mijn hand pas weer los als we ons einddoel, de minibus, bereiken. Jammer, dat ik geen amhaars spreek. Dan zou ik wat meer over hun wereldje te weten kunnen komen. Melle en Feije zwaaien vanuit de auto naar hun vriendje en vriendinnetje. We gaan op weg naar Gonder, naar het hotel, waar we een warme douche kunnen nemen.

Tijdens de rit terug verandert de weg in een nog grotere modderpoel omdat het begint te regenen. Na een wandeltocht van ruim 2 uur vinden we het heerlijk om weer in de auto te zitten. Even de benen ontspannen. Volgens Melle en Feije hebben we nu een chocolade broek en schoenen aan. Er zit een dikke laag modder op ons onderlijf. In het hotel nemen we eerst een douche om de ‘chocolade’ van ons af te spoelen.

Frank die net wakker is (het is inmiddels half 4) vroeg zich al af waar we bleven. Hij voelt zich zwak en rillerig. Hopelijk is hij morgen weer beter zodat we kunnen doorreizen naar een nieuwe bestemming.